Te oud

Oh ja, ik hield van lezen. Verslinden deed ik ze, die boeken. Soms drie tegelijkertijd. Ik geef het maar al te graag toe: ik was een freak. Het begon allemaal op moeders schoot, een en al oor. Letters linken aan klanken, leren lezen. Oh wat was ik trots wanneer ik van de a- naar de b-boeken mocht. En nog later naar de c’s. Wij gaan op berenjacht, maan roos vis, Minoes en Pipi Langkous kennen al lang geen geheimen voor mij. Ik daag u uit een boek aan te wijzen in onze lokale jeugdbibliotheek waarop mijn kindervingerafdrukken niet terug te vinden zijn. Oké oké. De weetboeken tellen niet mee.
Ja. De bibliotheek. Ik ben nog van de goedkope en recyclerende stempel, alle verzuchtingen van de Boekenbeurs ten spijt. In mijn droomhuis geen boekenwanden die tot de hemel reiken. En al zeker geen laddertje erbij. Mijn leeshonger was groot: hoe meer ik kon verslinden hoe beter. Mijn kinderhand was gauw gevuld. Maar enkel pareltjes kregen een plaatsje in die boekenkast. Pareltjes die ik eerst vijf keer uit die bib ontleende en acht keer las. En de serie die ik mijn toekomstige kinderen niet kan ontzeggen: Harry Potter.
Maar ineens werd ik te oud. Te oud voor goed leesvoer. Te oud voor verhalen waarin iets gebeurt. Verhalen met een duidelijke spanningsopbouw en een pakkend einde. Te oud voor de tovenaarsleerling. Boeken lezen werd een marteling. Boekbesprekingen voor Nederlands horror. Ik begreep dyslectici ineens zoveel beter. Worstelen moest ik, letter per letter, blad per blad. Had de ‘ik haat lezen’-campagne al bestaan, ze hadden er een fan bij. De Literatuur, die met de hoofdletter, was niet aan mij besteed. De leesfreak haakte af. Waarom schreven Dirk Bracke en Marita De Sterck niet voor volwassenen? Hoe kon ik nu weer een goed boek vinden? De supporter van het eerste uur moest het loodje leggen.
Lijmen/het been. Waarom in godsnaam twee titels? Als de auteur al niet kon kiezen, hoe moest ik het dan weten. De Vriendschap. Het boek dat mijn persoonlijke publieksprijs “hoe je niets kan vertellen in tweehonderd pagina’s” won. Hemeltergend. En wanneer ik dacht het ergste achter de kiezen te hebben, kwam 1984. En Misdaad en Boete. Uitermate boeiend. Ongetwijfeld. Met vele verborgen boodschappen, die ik miste. Dat hoop ik alleszins voor de andere lezers. Aan Claus heb ik me niet eens meer gewaagd.
Ik lees nog hoor. Maakt u zich geen zorgen. Maar enkel verhalen die me vastgrijpen, vanaf letter één. Verhalen waarin letters en woorden functioneel zijn. Écht verhalen.
Nooit komt de dag dat mijn vingerafdrukken op àlle boeken van de volwassenbibliotheek terug te vinden zijn. Nooit komt die dag. Maar ach. Mijn boekenwand die er nooit komt, kan leven zonder Orwell, Dostojevski, Elsschot en Connie Palmen. Hadden ze zich maar aan jeugdLiteratuur gewaagd. Dan maakten ze nog een kans. Dan maakten ze eventueel nog een kans.
Verkeken.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s